Verbouwing van start en baan in zicht

 

Project Bulgarije

Project Bulgarije is lang geleden gestart, al is daarvan tot nu toe nog geen enkel visueel bewijs. De bouwval is nog steeds dezelfde bouwval als een jaar geleden. Maar, en daar zijn we heel blij mee, we hebben onze aannemer gevonden. Vanaf begin juni gaat het dak eraf!

Huis gaat plat en wordt binnen drie maanden weer opgebouwd

Eindelijk gaat nu echt de verbouwing van start. Eerst zal het hele huis met de grond gelijk worden gemaakt. Er blijven alleen een paar eeuwenoude, tachtig centimeter dikke muren staan, die de basis zullen vormen van ons kasteel. De aannemer verwacht zo’n drie maanden nodig te hebben voor de sloop en de grofbouw. Begin september hebben we dus een huis met een dak, buitenmuren, binnenmuren, een dakgoot en een betonnen veranda. Zaken als kozijnen, deuren, trap, isolatie, leidingen etc. vallen onder de afwerking. We hopen dat we nog voor de winter de kozijnen en deuren kunnen plaatsen, zodat er tijdens de wintermaanden aan de binnenkant gewerkt kan worden.

Vaste prijsafspraak

We hebben een vaste prijs afgesproken voor de sloop en de grofbouw. Zo nauwkeurig mogelijk heeft de aannemer de werkzaamheden, materialen en kosten voor ons op papier gezet. Daarbij berekende hij een zekere marge voor onverwachte zaken. Er wordt een contract opgesteld, waarin een clausule zal worden opgenomen dat eventuele extra kosten voor rekening van de aannemer zijn. Dergelijke vaste prijsafspraken schijnen hier redelijk gangbaar te zijn. Ik heb er wel enigszins vertrouwen in geloof ik.

Ik weer aan het werk!

Universiteit Veliko TarnovoEn dan nog een verbazingwekkend nieuwtje: Ik heb een baan! Hier, midden in Bulgarije, staat een universiteit, een lelijk communistisch gebouw op een prachtige plek bovenop een beboste heuvel. In dit gebouw bevindt zich een lokaal met aan de muren posters van Nederlandse en Vlaamse schrijvers. Ook hangt er een grote kaart van Nederland en België. Er staat een grote boekenkast vol met Nederlandse en Vlaamse romans en lesboeken. Als je uit het raam kijkt, zie je de rivier en de huisjes op de helling aan de overkant. In dit lokaal wordt Nederlandse les gegeven aan Bulgaarse studenten. Zij studeren Toegepaste Taalwetenschappen en worden opgeleid tot tolk en vertaler. Als bijvak kunnen ze Nederlands kiezen. En wonder boven wonder mag ik vanaf oktober deze studenten Nederlandse les geven. De vakken die ik ga geven zijn Nederlandse literatuur, Vlaamse literatuur, taalverwerving en een vak genaamd ‘Literaire en Culturele Aspecten’. Het wordt een grote, maar welkome uitdaging, want er is alleen voor het vak taalverwerving een methode voorhanden.

Verwachtingen die misschien wel uitkomen

Vanaf oktober staan de zaken er dus, als alles volgens plan gaat, als volgt voor: De bouwval is weg, het kasteel staat (althans de basis ervan) en ik ben docent Nederlands. En oktober is het al over vier maanden. Ik moet als een gek Vlaamse boeken gaan lezen!

Een uiterst verhelderende wandeling

Ineens begreep ik vanochtend waarom de wegen hier op maar weinig plekken voorzien zijn van strepen. Ik kwam namelijk de meneer tegen die in Bulgarije de strepen op de weg schildert. In zijn ene hand had hij een grote pot gele verf en in zijn andere een stok met een streepbreed verfrollertje. Geduldig en geconcentreerd rolde hij zijn roller in kaarsrechte lijnen over het asfalt. Over één niet-parkeren parkeerplek, dus een rechthoek met een kruis, deed hij circa dertig minuten. Logisch dus dat de strepen op vele wegen nog ontbreken. Nee, snel gaat het niet, maar daar staat tegenover dat de kwaliteit van de lijnen duidelijk niets te wensen over laat. Ineens voelde ik diep respect voor de streeproller. Dag in dag uit werkt hij helemaal alleen aan een betere wereld vol prachtige felgele dan wel smetteloos witte strepen op het asfalt. Hij laat zich niet uit het veld slaan door het vooruitzicht van al die duizenden kilometers die hij nog te gaan heeft. Kalm en aandachtig zet hij zijn werkzaamheden voort, iedere dag opnieuw, in de heilige veronderstelling dat op een dag heel Bulgarije voorzien zal zijn van prachtige strepen op alle wegen.

wandeling vol antwoordenNog enigszins in een roes door de bijzondere kennismaking met de zo gedreven streeproller van Bulgarije, vervolgde ik mijn weg door het park richting huis. Al snel moesten mijn juist zo verhelderende gedachten omtrent het vooralsnog ontbreken van vele strepen, plaatsmaken voor verwarring alom in mijn bovenkamer. Het geval was namelijk, dat op ieder parkbankje een A4’tje was geplakt, waarop stond: ‘Ingespoten tegen vlooien en teken’. De rest van de wandeling en nog uren daarna, heb ik mij het hoofd gebroken over de reden waarom de gemeente alle parkbankjes met gif tegen teken en vlooien zou hebben ingespoten. Naast ieder bankje liggen immers twee of meer sappige straathonden voor pampus in de zon. Als ik een teek of vlo was, dan zou ik veel liever rondhangen in de pluizige vacht van zo’n straathond, dan dat ik op een glad parkbankje zou gaan zitten. Maar blijkbaar hangt de moderne Bulgaarse teek of vlo tegenwoordig op parkbankjes rond en verstopt hij zich niet langer ouderwets in het gras, in een boom of in de vacht van een straathond.

Thuisgekomen nam ik mij voor om vaker een wandeling te maken. Er valt buiten zoveel te leren!

 

Bouwval renoveren of verkopen?

Twijfel is gerezen: durven we de bouwval nog wel aan?

Stand van zaken wat betreft de bouwvergunning

De laatste stempel is gezet: We hebben de bouwvergunning eindelijk in handen. Helaas betekent dit niet dat we nu kunnen starten met ons bouwproject. De aannemers die we gevraagd hebben een offerte op te stellen, komen stuk voor stuk aanzetten met uit de lucht gegrepen, veel te globale kostenplaatjes.

Kostenplaatje vooralsnog onduidelijk

Gebleken is dat onze vakmannen niet specifieker kunnen zijn in hun berekeningen, omdat ze een overzicht van de benodigde materialen missen. Een dergelijk overzicht hoort standaard te zijn inbegrepen bij de constructietekeningen, maar onze architect heeft de constructietekenaar blijkbaar verteld dat een dergelijk overzicht niet nodig is. Misschien om kosten te besparen die hij dan in eigen zak kon steken. Maar nu zit ik te speculeren. Feit is, dat wij een gedetailleerde materialenlijst nodig hebben, zodat de aannemers nauwkeurige offertes kunnen opstellen. De architect heeft ons beloofd dat we binnen twee dagen die lijst alsnog zullen krijgen. Dat is vier dagen geleden.

Opknappen is Vallen en (hopelijk) opstaan, net als op TV

Het is niet gemakkelijk om de moed erin te houden. Alles duurt tien keer langer dan we hadden verwacht en ondertussen lopen de kosten op. Ik heb het er de afgelopen tijd flink benauwd van gekregen, met als gevolg dat zelfs Mitko, normaal mijn rots in de branding, leek te gaan twijfelen aan onze plannen. Deze periode deed me erg denken aan TV programma’s zoals Ik Vertrek. Dergelijke programma’s blijken gek genoeg toch best realistisch te zijn. In iedere aflevering komt er een moment dat zo’n koppel het helemaal niet meer ziet zitten. Die momenten moeten er ook zijn, want anders kijkt er natuurlijk niemand naar. Als kijker denk ik dan sensatiebelust: Stelletje sukkels. Je weet toch van tevoren dat zo’n onderneming gepaard gaat met tegenslagen? Als je daar niet tegen kan, dan moet je er niet aan beginnen. Dat soort gedachten heb ik de laatste tijd ook regelmatig over onze eigen situatie. Niet dat ik dacht dat het een eitje zou zijn om van onze bouwval een paleisje te maken, maar ik had wel bepaalde verwachtingen van tevoren. En van die verwachtingen is tot nu toe nog maar weinig terecht gekomen.

Omgaan met verwachtingen

Wat betreft het omgaan met verwachtingen zijn Mitko en ik toch wel een beetje verschillend vrees ik, zie figuur 1. Als de zaken anders lopen dan verwacht, dan accepteert Mitko dat en past hij zich aan. Daarentegen kan ik behoorlijk gefrustreerd raken als de dingen keer op keer een andere wending nemen dan gepland. Ik had verwacht dat we nog voor 2015 met de verbouwing zouden starten, want ik had verwacht dat de bouwvergunning voor die tijd wel binnen zou zijn. Ik had verwacht dat de verbouwing een jaar zou duren en dat we daarna nog lekker een jaartje in ons kasteel zouden wonen. Maar alles loopt anders. De kans dat we echt een jaar in ons nieuwe huis kunnen gaan wonen wordt steeds kleiner. Misschien willen we op een gegeven moment wel terug naar Nederland terwijl het huis nog niet af is. Wat dan? Of misschien blijkt later toch dat we het allemaal niet kunnen betalen en blijft het huis jarenlang een blok aan ons been. Soms ben ik bang dat, als het huis eenmaal af is, ik dan ook wel zo’n beetje aan m’n eind ben, zie figuur 1.

Bouwval renoveren

Figuur 1

Acceptatie en aanpassing

Mitko bekijkt het allemaal wat zonniger. Hij zei gister tegen mij dat we al halverwege zijn met ons bouwproject. We hebben ons huis in Groningen verkocht, zijn hier naartoe verhuisd, hebben bouwplannen gemaakt en nu is zelfs de bouwvergunning al binnen. Halverwege noemt hij dat. Hij accepteert onze situatie en past zich aan. Misschien duurt het allemaal veel langer en kost het allemaal veel meer, maar dat betekent niet dat het niet kan. We hebben het goed in ons huurhuis. En we hoeven ook niet bang te zijn dat we door dat huis vast komen te zitten in Bulgarije. Als de grofbouw eenmaal af is, wat nog dit kalenderjaar zou kunnen volgens hem, dan kunnen we teruggaan naar Nederland wanneer we maar willen. Afwerken kan dan altijd later nog. Het wordt dan puur een vakantiehuis: Een ander concept dan we in eerste instantie voor ogen hadden, maar ook niet gek. Zo ziet Mitko het. En ik vaak ook, maar soms ook niet. En dan denk ik: Hadden we maar een heerlijk klaar huis gekocht met een lekkere grote tuin ergens in een mooi dorpje in de bergen. Dan waren we klaar geweest.

Opknappen of opstappen?

Duidelijkheid nodig over kosten renovatie

Het belangrijkste is nu dat we duidelijkheid krijgen over hoeveel het ons gaat kosten om onze bouwval op te knappen. Als we die hebben, dan tellen we bij het geschatte eindbedrag nog zo’n 50% op en vervolgens kijken we of we het ons eigenlijk nog wel kunnen veroorloven na alle onverwachte onkosten die we tot nu toe al hebben gehad. Terwijl wij wachten op die duidelijkheid, gaan we erop uit om comfortabele, goed opgeknapte huizen te bekijken in de provincie Veliko Tarnovo. Al was het alleen maar om even te voelen hoe het geweest zou zijn als we inderdaad een fijn klaar huis in een dorpje gekocht zouden hebben.

comfortabel huis op platteland, hoe zou dat zijn (geweest)?

Huis te koop in ElenaAan de rand van het stadje Elena, hebben we een huis bekeken. Het was niet zo goed opgeknapt als we voor ogen hadden, maar wel heel gemoedelijk. Groot huis, grote tuin, veel ruimte en toch kreeg ik er een benauwd gevoel van. Gisteren hebben we een huis in het dorpje Kereka bekeken, een groot wit jaren ’80 huis met enorme tuin en zelfs een zwembad, midden in de natuur. De weg ernaartoe was smal en onverhard, dat wil zeggenbouwval opknappen of direct comfortabel wonen rotsachtig, ruig, maar gelukkig had de makelaar een jeep. Wij hebben geen jeep. Ik voelde me na beide bezoeken heel opgelucht toen we Veliko Tarnovo weer inreden met onze stomme witte Subaru (die er ook niets aan kan doen dat hij door een oplichter aan ons is verkocht).

Passen we ons aan of geven we op?

Het is allemaal een kwestie van keuzes maken. Wat willen wij? Kant en klaar woonhuis of uitdagende bouwval? Nee, eigenlijk is de vraag niet zozeer of we op dit moment een ander huis willen kopen of niet. De vraag is eerder of we doorgaan met onze bouwval, ja of nee. Kan ik me, net als Mitko, aanpassen aan het feit dat onze oorspronkelijke ideeën nu hele andere vormen lijken aan te nemen? Kan ik, net als hij, accepteren dat we een bouwval gaan renoveren, waarin we hoogstwaarschijnlijk nooit zullen wonen? Ergens hou ik al van ons krot. Verkopen zou pijn doen. Dus misschien is het eigenlijk helemaal niet zo moeilijk.

Bouwvergunning a.u.b.

 

Pasen in Veliko Tarnovo, Bulgarije

Die ene gele bol is een ei, geen helm.

De constructietekeningen zijn binnen. We wachten nog op het startsein: de officiële bouwvergunning van de gemeente Veliko Tarnovo. Als het goed is, hebben we over twee weken alle vereiste documenten in bezit en kunnen we eindelijk beginnen met de verbouwing. De mannen van de gemeente lijken zich echter met belangrijkere zaken bezig te houden, zoals de voorbereidingen voor Pasen. Ze zijn er in groten getale op uitgetrokken met vrachtwagens vol gekleurde reuzen-paaseieren om die overal in de stad op te hangen. Heel gezellig natuurlijk, maar of onze vergunning daadwerkelijk over twee weken klaar ligt moet ik nog zien. Intussen zijn wij alvast op zoek gegaan naar werklui. Maar hoe kom je aan goede, betrouwbare vakmannen?

Tijdens al dat wachten op tekeningen en vergunningen was mijn haar gegroeid tot ongekende lengte. Het zag eruit als stro. Ik durfde niet naar de kapper, want ik was bang dat ik met een jaren tachtig suikerspinkapsel weer naar buiten zou komen. Toen viel mijn oog op een gezellig klein kapperszaakje. De kapster had een lief gezicht en een leuk kapsel, dus ik besloot de sprong te wagen. Ze was heel spraakzaam. Mijn Bulgaars is inmiddels in zoverre verbeterd, dat ik in staat was een aardig gesprekje met haar te voeren. Ik vertelde over onze bouwval en dat het lastig is om goede, eerlijke werklui te vinden. Heel toevallig werkt haar schoonzoon in de bouw. Hij had met zijn team ook haar kapperszaak opgeknapt. Ik vond het er wel goed uit zien, dat kamertje van 12 vierkante meter met gootsteen. We hebben onze bouwval van 200 vierkante meter laten zien aan het door haar aangeraden klusteam. De offerte kwam verbazingwekkend snel na deze bezichtiging binnen: Een zeer karig kostenplaatje, in elkaar gedraaid door weliswaar erg vriendelijke, maar veel te jonge snuiters die geen constructietekeningen kunnen lezen. Dus nee, de schoonzoon van de kapper gaat het niet worden, maar ik ben wel blij met mijn nieuwe kapsel.

Maar wie dan wel? Na nog een aantal offertes te hebben aangevraagd bij min of meer willekeurige bouwbedrijven en aannemers, herinnerde Mitko’s vader zich ineens een collega uit de tijd dat hij zelf nog in de bouw werkte. Diens zoon, Kaloyan, toen nog een jongen van een jaar of zestien, hielp regelmatig bij hun werkzaamheden en is later een eigen bedrijf begonnen. We hebben contact opgenomen met deze jongen, nu Mitko’s leeftijd, en hebben ook hem het huis laten zien. Beide vaders waren meegekomen, blij om elkaar na al die jaren weer te zien. Ze blijken een hechte band te hebben. Zowel vader als zoon leken mij eerlijke, ervaren vakmannen. Kaloyan houdt zich echter vooral bezig met werkzaamheden die de afwerking betreffen, dus hij zou pas in het laatste stadium van de verbouwing bij ons aan de slag gaan. Maar hij kent allerlei, volgens hem zeer betrouwbare werklui, met ieder hun eigen specialiteit. Hij kan een soort draaiboek maken, waarbij hij de verschillende werkzaamheden toekent aan de mensen uit zijn netwerk. Kaloyan heeft meteen contact opgenomen met een collega, die de grofbouw op zich zou kunnen nemen. Samen met die collega is hij nu bezig een offerte voor ons op te stellen. We wachten af.

Ook onze bouwval wacht geduldig af, hoewel ik zelf bij tijd en wijle wel eens mijn geduld verlies. Ik wil zo graag dat er nu eindelijk eens iets tastbaars gaat gebeuren. In mei hebben we het huis gekocht en nu, tien maanden later, staat het er nog net zo florisant bij als toen. Soms krijg ik daardoor te maken met hevige wat-doen-we-hier-eigenlijk-aanvallen, die tot nu toe gelukkig vrij rap weer over waaien. We leven hier. Ik leer Bulgaars, Mitko werkt, de kinderen spelen. Maar wat zal het een opluchting zijn als het startsein straks klinkt.

Bouwval

Todor en François

Ik loop door een opvallend mooi gerenoveerd straatje. Boven een oude deur hangt een opzichtig wit bord, waarop met grote letters gedrukt staat: Beautiful Bulgaria Project. Uit het bord maak ik op, dat dit straatje deel uitmaakt van een project dat gefinancierd is met behulp van EU-gelden.

“Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid?” “Klopt, Todor is de naam, met wie heb ik het genoegen?” “Aangenaam, ik ben François, beheerder van de schatkist van de EU. Luister, ik heb de opdracht gekregen u honderd miljoen euro te overhandigen om uw land een beetje EU-waardig te maken. Let wel, wij van de EU zijn van mening dat dit geld beslist niet besteed dient te worden aan abstracte, slaapverwekkende doeleinden zoals bijvoorbeeld herziening van het belastingstelsel of het nemen van maatregelen om verdere vergrijzing tegen te gaan. Daarentegen zouden wij graag zien dat u met dit geld een paar huizen renoveert, een aantal parken leuk opknapt en enkele wegen opnieuw asfalteert. Het oog wil ook wat, begrijpt uw wel?”

Todor keek de man een paar seconden verbaasd aan. Toen tot hem was doorgedrongen dat deze heer blijkbaar van zins was hem bakken met geld te overhandigen, wist hij te zeggen: “Jazeker, ik begrijp u volkomen. U kunt erop rekenen dat die honderd miljoen euro bij mij in goede handen is.” “Perfect,” zei François, “loopt u even mee? Dan handelen we dit zaakje meteen af.” En zie daar: Beautiful Bulgaria Project.

Eerlijkheid en transparantie zijn kernwaarden die bij Todor hoog in het vaandel staan. Voor ieder renovatieproject heeft hij dan ook een prachtig wit bord laten maken, waarop keurig staat beschreven hoeveel EU geld eraan besteed is. Hier en daar zijn de werkelijke kosten weliswaar net iets lager uitgevallen dan de bedragen die hij op de borden liet zetten, maar dat verschil beschouwde hij dan maar als extraatje voor zichzelf. Al die verantwoordelijkheid, daar mag best iets tegenover staan. Zijn collega’s zouden het roerend met hem eens zijn. Straks, in de zomer, zal hij die François eens uitnodigen in zijn gloednieuwe vakantievilla in de bergen voor een bira skara, een barbecue met bier. Als minister van vooral Sociale Zaken (en een beetje van Werkgelegenheid), weet Todor als geen ander een feestje te bouwen.

Met mijn mobiel maak ik een paar foto’s van het straatje, waarna ik besluit dat het tijd is om verder te lopen. Aan de overkant bieden de vervallen muren van een half ingestorte bouwval mij een doorkijkje naar de heuvel, waarop een van de bombastische residenties van Todor Zjivkov prijkt, ooit communistisch leider van Bulgarije.

Project Bulgarije

 

Tijd

Het regent. Ons bed staat op zolder onder het dakraam. Ik zit in kleermakerszit op het bed, de deken half over me heen getrokken, laptop op schoot en een kop thee op het nachtkastje. De druppels tikken tegen het raam vlak boven mijn hoofd, een geluid dat me aan vakanties doet denken. Gezellige regenachtige middagen in de tent. Mijn halflege luchtbed drukt de binnentent tegen de buitentent, waardoor mijn slaapzak nat wordt. Het maakt niet uit. Straks, als de zon weer doorbreekt, gooi ik die slaapzak over de tent. Zo weer droog. Ik pak het boek, waarin ik woon, en stop vijf gummibeertjes tegelijkertijd in mijn mond. Zorgeloos.

emigreren en wennen aan de nieuwe omgevingIneens dringt het tot me door dat ik me thuis voel, hier onder het dakraam op de zolder van ons huurhuis in Veliko Tarnovo. Wonderlijk, dat proces van gewenning. Een vriendin, die meerdere keren is verhuisd naar vreemde oorden, zei tegen me: ‘Wacht maar. Er komt een moment dat je over straat loopt en ineens beseft dat je niet meer voortdurend vol verwondering om je heen kijkt, chronisch verbaasd over het feit dat je ineens in Bulgarije woont met je hele gezin. Er komt een moment dat je zonder nadenken door de stad loopt, gewoon op weg naar je bestemming.’ Dat moment heb ik nog niet gehad.

Samen met de zon zorgt de tijd ervoor dat mijn slaapzak droogt. Samen met de regen zorgt de tijd ervoor dat ik me thuis voel in dit huis. En er komt een moment dat ik me thuis voel in deze stad. Maar of ik me ooit thuis zal voelen in dit land? De tijd zal het leren.

Consultancy

Wie had dat gedacht? Onze constructietekeningen, verplicht aan te leveren bij het ministerie van cultuur wanneer men een bouwvergunning aanvraagt, bestaan niet. Ze zijn nooit gemaakt en hebben dientengevolge nooit bestaan. De architect heeft het eindelijk toegegeven. Toch heeft de minister van cultuur alle bouwtekeningen goedgekeurd, inclusief de constructietekeningen. Hoe is dat mogelijk? Alles is mogelijk in het land der mogelijkheden: Bulgarije.

Een van de mogelijkheden is consultancy. Ik heb me altijd al afgevraagd wat het woord consultancy in vredesnaam betekent, echter nooit in die mate dat ik me geroepen voelde om het woordenboek erop na te slaan. De term brengt een gevoel van intense onverschilligheid bij me teweeg. Dankzij de factuur van onze architect, ben ik tegenwoordig wel degelijk op de hoogte van de betekenis van het begrip consultancy. Het betekent omkoping.

De architect heeft de heren van het ministerie van cultuur geconsulteerd. Daarvan waren wij alleszins op de hoogte. In Bulgarije schijnt iedereen die niet bereid is om vijf jaar lang op een bouwvergunning te wachten, zich te beroepen op consultancy. Het consult in kwestie kostte 750 euro, blijkt uit de factuur van de architect. Dit bedrag is mogelijk iets hoger uitgevallen dan ‘normaal’, aangezien de verplichte constructietekeningen ontbraken.

De goedkeuring van het ministerie hebben we nu op zak. Desondanks zijn de constructietekeningen zeker nog hard nodig. Ten eerste moeten ze ook op gemeentelijk niveau worden goedgekeurd, al valt daar vast nog wel iemand te consulteren. Daarnaast dienen ze als handleiding voor de aannemer. Met behulp van die tekeningen, kan de aannemer onze bouwval zo nauwkeurig en zo veilig mogelijk onder handen nemen. Niet onbelangrijk als je twee kleine kinderen hebt. Sowieso niet onbelangrijk. In onze ogen. De architect heeft inmiddels een professionele constructietekenaar ingeschakeld die over twee weken de tekeningen gereed zal hebben. Echter, dat zijn slechts woorden.

Consultancy is triest, precies wat ik altijd al dacht. Maar nog triester is de gedachte dat de zo corrupte mentaliteit van de Bulgaarse regering langzaam maar zeker ook het volk lijkt te infecteren, als een besmettelijk, onuitroeibaar virus. De man, van wie ik aanvankelijk dacht dat hij een integer architect was, dienen wij nu te behandelen als een onbetrouwbare snotaap, die zijn geld pas krijgt als hij de klus geklaard heeft.

Als je naar het armste land van Europa emigreert, dan weet je dat je tegen dit soort zaken aan zult lopen. Nu het daadwerkelijk zover is, doet het me meer dan ik had verwacht. Ik kan me niet goed voorstellen hoe die architect zo moeiteloos kan liegen tegen de mensen met wie hij zojuist een heel persoonlijk en creatief proces heeft doorlopen.

Zo zie je maar weer, vertrouw niemand. Dat onschuldig ogende oude vrouwtje met bordeauxrode viltjas en rieten boodschappenmandje, dat ginds het zebrapad oversteekt, heeft hoogstwaarschijnlijk nauwe banden met de maffia.

Omkoping of consultancy

We stappen eroverheen en gaan verder!

Constructietekeningen kwijt

Wat is dat toch, dat sommige mensen het blijkbaar zo ontzettend moeilijk vinden om te zeggen waar het op staat. Is het eergevoel, trots, of niet meer dan lafhartigheid?

Ik zou me kunnen indenken dat onze architect, gespecialiseerd in monumenten, zijn werkzaamheden uitvoert met veel passie en bezieling. Hij, Rumen genaamd, zorgt er tenslotte voor dat vervallen en vergeten, prachtige Bulgaarse panden met een rijke historie, weer tot leven komen. En dan gooit een of andere flierefluiter roet in het eten. Ik heb het over de constructietekenaar, vanaf nu Sjaak.

Rumen kan er niets aan doen dat Sjaak zijn werk niet doet, maar hij is wel verantwoordelijk. Daar gaat zijn eergevoel, zijn trots. Het liefst wil ik geloven dat de vork op die manier in de steel zit. Dan past Rumen tenminste nog enigszins in het beeld dat ik van hem had en hoef ik mijn beoordelingsvermogen niet al te zeer in twijfel te trekken.

Vanochtend hebben we Rumen gebeld om te vragen hoe het nu met de tekeningen van die Sjaak zit: Ze zijn kwijtgeraakt. Inderdaad, kwijtgeraakt. Dat kan. Maar geen nood, de tekeningen zijn al goedgekeurd door de minister van Cultuur, aldus onze man. Nu behoeft het pakket papieren alleen nog op gemeentelijk niveau goedkeuring. En ook daar zijn de constructietekeningen voor nodig. Maar alles komt goed, want Rumen heeft inmiddels, geheel buiten ons om, een andere constructietekenaar ingehuurd, die heel snel kan tekenen.

Morgenochtend kunnen we bij Rumen langskomen om verder te praten over de stand van zaken. Wij willen stempels zien: Zijn die tekeningen inderdaad goedgekeurd door de hoge piefen van Cultuur? En een beetje uitleg over een en ander zou ook niet verkeerd zijn.

Constructietekeningen kwijt

Wie hebben we nou eigenlijk voor ons? Is die architect, met wie we al maanden samenwerken, gewoon weer een sjacheraar, bang om de waarheid te vertellen, of is hij toch een gepassioneerd vakman, die zich wanhopig uit de problemen probeert te redden? Dat is eigenlijk mijn grote vraag. Want ik heb werkelijk geen idee.

Beter Weten weet het beter

Onze bouwval is een monument. Een monumentale bouwval. Voor de verbouwing van een monument heb je vergunningen nodig. Om vergunningen te krijgen, heb je bouwtekeningen nodig. Tot nu toe niets nieuws onder de zon.

In Bulgarije moeten de bouwtekeningen worden goedgekeurd en ondertekend door de minister van Cultuur in eigen persoon. De goede man heeft het natuurlijk vreselijk druk, dus als je niet tot het einde der dagen wilt wachten met je verbouwing, kan je het beste maar een architect in de arm nemen die ‘mensen kent’. Als je hem wat Leva toeschuift, dan kent Rumen mensen.

Rumen, onze rots in de branding. We hebben de samenwerking steeds als erg prettig ervaren. Samen zijn we tot een fantastisch ontwerp gekomen. De vergunningen die voortvloeiden uit de ontwerptekeningen lagen al spoedig klaar op zijn bureau, want Rumen kent mensen. Goed nieuws dus. Nu alleen de constructietekeningen nog. Omdat hij zelf geen constructietekenaar is, heeft hij het maken van de constructietekeningen gedelegeerd aan een van de mensen die hij kent: Een betrouwbare, voor het karwei zeer gekwalificeerde collega met een hele berg ervaring. En ja hoor, al in oktober, toen we nog in Groningen woonden, belde Rumen ons enthousiast op met de mededeling dat de constructietekeningen inmiddels ter goedkeuring op het ministerie lagen. Dus ook die laatste vergunningen zouden we weldra in de pocket hebben. Ideaal, zo’n man die mensen kent.

Wij wilden de constructietekeningen graag digitaal hebben, omdat we dan vanuit Groningen alvast offertes konden aanvragen bij een aantal aannemers in Veliko Tarnovo. ‘De tekeningen zijn opgeslagen in een nogal lastig te verzenden formaat’, zei Rumen. We vroegen of hij de tekeningen dan misschien kon converteren naar een ander, wel te verzenden formaat, maar dat bleek niet zo gemakkelijk te zijn. Hij had de tekeningen namelijk zelf ook niet digitaal. En inderdaad, in dat geval is het een lastige klus om de tekeningen te converteren naar een ander formaat. De man, die de tekeningen in kwestie op zijn computer had staan, zat op dat moment in het buitenland en was volgens Rumen moeilijk te bereiken. ‘Niks aan te doen.’

Ook nu we in Bulgarije wonen, hebben we regelmatig contact met Rumen over de constructietekeningen. ‘Ik heb de tekenaar gebeld, maar hij neemt niet op. Niks aan te doen.’ ‘Ik ben bij hem langsgeweest in Sofia, maar hij ligt ziek op bed. Niks aan te doen.’ De zaken staan er nu als volgt voor: Dinsdag aanstaande stuurt de constructietekenaar de tekeningen digitaal op naar Rumen. Laatstgenoemde neemt vervolgens aan het eind van de middag contact met ons op.

Merkwaardig hoe lang zoiets door kan gaan, hoeveel je soms van een ander accepteert, tegen beter weten in. Want Beter Weten was er al die tijd al. Hij begon in oktober al wantrouwig te worden, maar bleef toen nog enigszins op de achtergrond, met zijn zachte stemmetje af en toe vragen stellend: ‘Klopt dit wel?’ Rumen, onze grote steun en toeverlaat, wilden wij zo graag vertrouwen, dat we Beter Weten met z’n twijfels gaarne links lieten liggen. Maar Beter Weten liet zich niet voor eeuwig negeren.

Na dat laatste telefoongesprek brulde hij ineens snoeihard: ‘Kom op zeg, die vent kan toch zeker wel even op verzenden klikken als hij ziek op bed ligt?’ Nog een laatste poging van onze kant om maar niet te hoeven toegeven: ‘Doe even rustig, hij zal die tekeningen wel alleen op zijn kantoor-computer hebben staan.’ Beter Weten keek ons vervolgens indringend aan. Hij zuchtte diep, waarop hij langzaam en uiterst ontstemd sprak: ‘Denk nu eens even heel goed na, jullie allebei. Toen die gast met z’n potlood en z’n liniaaltje zogenaamd terugkwam uit het buitenland, toen had hij toch wel honderd keer die tekeningen kunnen opsturen? Ja, als ze bestaan! Denk daar maar eens over na, stelletje onnozele halzen!’ Beter Weten is niet altijd even tactvol.

Na die uitbarsting van Beter Weten konden we er echt niet meer omheen. Als zelfs ik, een van de meest naïeve personen die ik ooit heb ontmoet, niet meer geloof in het bestaan van die tekeningen, dan kan het niet anders dan dat ze inderdaad niet bestaan. Die tekeningen bestaan niet. En dat feit op zich vinden we niet eens zo erg: Tekeningen die wel bestaan zijn vast wel te realiseren op een of andere manier. Maar dat Rumen niet beter weet, valt ons op z’n zachtst gezegd een beetje tegen.

Dinsdag, als Rumen ons belt met de mededeling dat de constructietekenaar helaas nog steeds doodziek op bed ligt, niks aan te doen, dan zullen we hem zeggen dat de constructietekeningen, die al sinds oktober bij het ministerie liggen en in een lastig te verzenden formaat zijn opgeslagen, niet bestaan. En dat daar vast wel iets aan te doen valt.

Bouwproject

Onze monumentale bouwval, geduldig wachtend op een bouwvergunning.

Lang leve het optimisme!

Bedoel je communisme? Nee, ik bedoel optimisme. Aan Mitko heb ik beloofd om nu eens met iets positiefs te komen op mijn blog. Nu moet ik eerlijk zeggen, en dat zal velen van u verbazen, dat ik niet altijd even optimistisch van geest ben. Het is zelfs zo, dat ik van menigeen wel eens de feedback (kritiek is tegenwoordig een verboden woord, maar daar zal ik nu maar niet verder op ingaan) heb gekregen, dat ik een behoorlijke zeurpiet, brompot, dan wel klepzeiker kan zijn. Zelf heb ik hier nooit problemen mee gehad, maar misschien dat het anderen wel eens irriteert. Dat zeuren, ik zou het zelf liever positief verwoorden als kritisch beschouwen, is niet iets van de laatste tijd. Ik heb het eigenlijk altijd al gedaan. Op de lagere school kreeg ik eens een liefdesbrief van mijn grote liefde Herman en die luidde als volgt: ‘Liefe Katrien, Ik vindt jouw mooi haar en mooie ogen hebben en je kan heel mooi viool spelen. Weet je wat ik een leuke meid vindt. Een Katrien die niet zeurt.’ Mochten er Bulgaren zijn die mijn blog lezen en zich ergeren aan mijn gezever over hun land, dan is die liefdesbrief dus het bewijs dat mijn soms ietwat kritische houding deels ook de aard van het beestje is.

Iets positiefs dus.

Onder al dat stof en die vette viezigheid blijkt een heel fijn, blinkend schoon huis verborgen te zitten. Er is veel hout in huis, houten vloeren, houten balken en houten kozijnen. Na alles te hebben schoongemaakt, is het dat hout wat ik nu ruik, heerlijk. In het kader van het beloofde optimisme zal ik maar beter niet vertellen wat ik eerder zoal rook. Ook als ik de ramen openzet ruik ik hout, verbrand hout. Veel mensen stoken hier met hout of kolen en dat ruik je de hele winter door, overal. Het schijnt dat je na een tijd gaat verlangen naar frisse lucht, die nergens naar ruikt, gewoon naar frisse lucht. Maar die geur van houtvuur bevalt me tot nu toe prima. Hij draagt bij aan mijn vakantiegevoel en ik ben niet eens op vakantie!

Nu het huis zo lekker schoon en opgeruimd is, kan ik me, als de kinderen naar de opvang zijn, eindelijk bezighouden met zaken waarmee ik bezig wil zijn. Ik hoef niet meer steeds naar kantoortjes te drentelen en als ik moe thuis kom, dan toch de zwabber maar weer te vatten. In plaats daarvan ga ik nu, omdat ik dat wil, naar Bulgaarse les en kom ik langzamerhand een beetje bij van alle hectiek. Mitko komt ook steeds meer op adem, al is hij nog niet regel-klaar. Momenteel loopt hij niet geheel verzekerd rond, dan wel geheel onverzekerd, aangezien hij te lang in het buitenland is geweest om nog recht te hebben op een Bulgaarse zorgverzekering, doch geen buitenlander is en dus geen recht heeft op een zorgverzekering voor buitenlanders. Maar dat terzijde. Het gaat goed!

De kinderen gaan nu drie dagen per week naar de opvang en dat vinden ze geweldig. In het halletje trekken we hun schoentjes uit en hun slofjes aan. Dan geven ze ons een knuffel en zeggen ze: ‘Dag mama, dag papa’, waarna ze zonder begeleiding, gewoon helemaal uit zichzelf, vrolijk wegwaggelen op hun kleine beentjes naar de speelzaal. Wij staren ze dan zeer verbaasd na, want in Nederland ging ons vertrek bijna standaard gepaard met een paar minuten hevig drama. En nog steeds enigszins ontdaan door het gemakkelijke afscheid, maar ook blij omdat ze het daar goed hebben, gaan we dan maar.

optimisme op z'n best

Foto: Thinkstock

Wat de kinderen niet weten, is dat we dan niet naar huis gaan, maar naar ons stamcafé bij het park. Daar drinken we koffie met verse banitsa (bladerdeeg met fetakaas, heerlijk als het nog warm is!) en soms als toetje nog een stukje garash (machtige, superlekkere chocoladetaart). Als dat niet positief is!